Totaal aantal pageviews

zaterdag 27 december 2014

Zijn de idealen van Jezus haalbaar?


Stefanie, zo in de Kersttijd komt die vraag weer bij me boven.  Die Jezus, waar jij in gelooft, heeft prachtige dingen gedaan. Een sociaal bewogen figuur. Zijn idealen zijn echter onhaalbaar. Want na 2000 jaar is het nog steeds een bende op deze wereld. En de aanhangers van Jezus, de christenen, hebben nou niet bepaald het goede voorbeeld gegeven. Tijdens diverse momenten in de geschiedenis hebben ze elkaar te vuur en te zwaard bestreden. Denk maar aan de inquisitie, heksenverbrandingen en zo kan ik nog wel even door gaan.

Lieve pa. Jezus was inderdaad sociaal zeer bewogen. Maar als je Hem verengd tot alleen maar een idealist, dan doe je Hem toch tekort. Hij heeft de relatiebreuk tussen God en mens hersteld.

Prima, maar waarom merken we daar dan niks van? Was het maar zo dat alle christenen harmonieuze en vredelievende mensen waren. Kijk, dan was het duidelijk.


Helaas is dat niet het geval en dat is nou juist de reden van de komst van Jezus op aarde. Wij zijn allemaal gebroken, pa. Allemaal, ik ook. Ik ben echt niet beter. Christenen zijn geen betere en harmonieuzere mensen. Een soort engelenvolkje, altijd blij, blij, blij. Wij zijn niet beter, wel beter af, omdat we Jezus kennen. En omdat ik weet dat ik het zelf niet kan en dus Jezus nodig heb.

Dat vind ik dus zo zwak. Dat we een hogere macht nodig hebben. We moeten het zelf doen, Stefanie.

Dat heeft veel opgeleverd, zeg. Een grote bende op deze wereld, je zei het net zelf.  

Zucht.

Dit soort gesprekken tussen ons duurt eigenlijk al 15 jaar, papa. Inmiddels ben je dik in de zeventig. Nog altijd hang je dat humanistische wereldbeeld aan. Daar is op zich niks mis mee, maar er ontbreekt iets essentieels aan. Erken dat je het niet zelf kunt. Kunnen wij de planten laten groeien? Kun jij orkanen wegblazen? De sneeuw terug naar boven sturen? Kunnen wij de dood ontlopen?

Je weet dat mama ook niet geloofde. Totdat ze, tijdens  de laatste dagen van haar leven, die crucifix naast haar bed had staan. Haar aanvankelijke angst voor de dood, verdween.

Telkens zoek je maar weer redenen op om niet te hoeven geloven. Maar, je hoeft alleen maar... Zeg gewoon tegen God: "Ik begrijp U niet, toch wil ik bij U horen."

Ik bedoel...

Is dat nou zo moeilijk?

Stefanie toch, niet te emotioneel hoor. Weet je, het laat me niet los.  Inderdaad, er zijn heel veel dingen waar we niets aan kunnen doen. Ik noem dat het lot, jij noemt het God.

God heeft een gezicht. Het lot niet.

We moeten hier beslist nog eens over door praten.

Oké, dat is beloofd.

donderdag 18 december 2014

Reddeloze planeet


Het is voor de bewoner van de planeet Etwoil uit het Suske en Wiske verhaal "De Dromendiefstal" een uitgemaakte zaak: de aardbewoners zijn achterlijke barbaren. Roofdieren doden om te eten, aardbewoners doden om rijkdom en macht. Na duizenden jaren zijn het nog steeds agressieve holbewoners.

Lambik is het er niet mee eens. Hij zegt: "Wij kiezen intelligente onbaatzuchtige vrome idealisten om ons te regeren. Zij beslissen wat moet gedaan worden."
De bewoner van Etwoil hoont het weg. Mensen maken altijd fouten, de Etwoilers worden geregeerd door een computer. Er is wel een probleempje: op die planeet  bestaan geen dromen meer.

In science fictionverhalen komt het vaker voor. Ergens is een planeet waar ze het beter begrepen hebben dan wij. Daar heerst vrede en harmonie. Wie weet komt er ooit uit het centrum van de Melkweg verlossing van een beschaving die zijn tijd ver vooruit is.
 


Je hebt de onverbeterlijke optimisten die geloven dat het met de mensheid uiteindelijk wel goed zal komen. Kwestie van evolutie. Uiteindelijk zal de vrede en de liefde de boventoon voeren in onze wereld.

Je hebt ook de cynici. Die zijn er vast van overtuigd dat onze aarde spoedig  naar de ratsmodee zal gaan. De mens roeit zichzelf uit, over pakweg tien miljoen jaar zul je nauwelijks nog een spoor van onze beschaving tegenkomen. Wij zullen vergeten worden terwijl de aarde zijn ontelbare rondjes zal blijven draaien om een zon die ooit zelf zal doven.

Ik geloof niet in een Messiaans volk uit het centrum van de Melkweg.
Ik geloof er niets van dat de mensheid uit zichzelf vrede en liefde zal vinden.
Ik geloof evenmin in een totale vernietiging van de aarde en dat we van zijn bewoners nooit meer iets zullen vernemen.

Dit is nu precies waar het met Kerst over gaat. Op onze reddeloze planeet werd ooit, heel gewoon en bescheiden, een Kind geboren. Het is het begin geweest van iets dat we zelf nooit bedacht zouden hebben. Het is het begin van een hele nieuwe wereld, een totaal nieuw begin voor ieder van ons.

vrijdag 12 december 2014

De notulen van Tes Odou


Als ik  Tes Odou tik, spuwt Google Engels- en Griekstalige theologische  informatie uit. Handelingen 9: 2. De mensen van De Weg (de christenen) die Paulus vervolgde vlak voordat hij, op weg naar Damascus, het Licht zou zien.

Ik probeer een andere zoekterm: Gereformeerde Jeugdvereniging Delft, GJV Delft. De gewenste informatie blijft uit. Dat krijg je met activiteiten van ver voor het internettijdperk: ze lijken totaal vergeten.

Maar, je bent archivaris of niet, ik heb de notulen van de GJV Delft nog.
 


Het gebeurde in het najaar van 1986. Een jong stel uit Friesland was in Delft komen wonen en ontdekte dat het jeugd- en jongerenwerk in de plaatselijke kerk een beetje lauw was. Dat moest anders. Er werd rondgebeld, aangeschreven, contacten gelegd, folders uitgedeeld.

Op zondagavond 14 september van dat jaar werd de eerste bijeenkomst gehouden in de Gereformeerde Kerk het Open Hof. Notabene de kerk waar ik altijd kwam.
Ik was in die tijd geestelijk wat aan het verleppen, dus deze Jeugdvereniging kwam voor mij als een geschenk uit de hemel.

Al snel werd een naam bedacht, want 'GJV' klonk wel wat saai. Het werd Tes Odou, Grieks voor De Weg.

Het is geweldig om in die notulen te bladeren. Talloze herinneringen komen weer boven. De contributie bedroeg twee gulden per avond. Elke week werd een onderwerp behandeld: schepping versus evolutie, het avondmaal, popmuziek, een avond over het Leger des Heils en op een dag kwam motorclub Psalm 23 op bezoek. De buren van het Open Hof moeten hun ogen uitgekeken hebben. Tientallen ronkende motoren richting kerk.

Elke maand hadden we een ontspanningsavond. Ik lees over een 'enveloppenspel', fietstocht, strandwandeling, bingo, stijldansen. En elk jaar wilden we op kamp. Ik ontdek  dat dat in 1988, tijdens het Pinksterweekend,  bijna niet doorging omdat er te weinig mensen meegingen. We hadden concurrentie van 'Opwekking'. Een aantal leden van het koor Rejoyce ging mee en zo konden we alsnog afreizen naar een kampeerboerderij in Winssen bij Nijmegen.

Zoals altijd: aan alle goede dingen komt een eind. In 1992 valt het doek voor Tes Odou. Geen nieuwe leden meer, bestaande leden vonden dat ze te oud werden. Toch waren het mooie jaren en volgens mij zijn daar nog twee huwelijken uit voortgekomen. Dus helemaal vergeten kan Tes Odou niet zijn. "Je raadt het nooit, wij hebben elkaar leren kennen op de Gereformeerde Jeugdvereniging te Delft!"

Google weet maar niks te vinden. Ik hoop dat dit blogje daarin verandering brengt.

 

zaterdag 29 november 2014

De Psalmen-blues


Op de site CVandaag stonden onlangs enkele uitspraken van U2 zanger Bono. Hij voelde zich verwant met singer songwriter David. In de Psalmen komen alle aspecten van het leven voor: de negatieve en de positieve dingen.  "Het is heel belangrijk voor een christen om eerlijk te zijn tegenover God. God is veel meer geïnteresseerd in wie je bent, dan wie je wilt zijn."



Ik vond het een mooie uitspraak. Hoeveel mensen verzuchten niet: "Ik zou er eigenlijk veel meer aan moeten doen. Meer bidden, meer Bijbellezen, maar het komt er maar niet van. Druk druk druk, weet je wel." We zijn te veel bezig met wie we zouden willen zijn.
Ik bespeur het ook bij het zingen van Opwekkingsliederen. Een hoog 'de lucht is altijd blauw gehalte', een soort geestelijk fastfood misschien?
Wat dat betreft zijn de Psalmen een stuk eerlijker. Enkele voorbeelden:

Zolang ik zweeg teerden mijn botten weg,
kreunend leed ik, de hele dag.

David gaat gebukt onder zijn misstappen.

Mijn ogen zijn dof van ellende,
ik roep u aan HEER, elke dag...

Woede, angst, verdriet, verlangen, maar ook uitzinnige vreugde vind je in de Psalmen. Niet alleen de jubelstemming, ook de uiterste ellende, de blues. Of zoals het citaat van zanger Leonard Cohen in het novembernummer van de Nieuwe Koers:

There is a crack, a crack in everything
That's how the light gets in.

De Psalmen bezingen de barsten en scheuren van het leven, maar ze vangen daardoor wel het Licht.

Voortaan alleen Psalmen zingen dus. Ach, nee. Er is niks mis met een daverend praisenummer. Bovendien - als ik Psalm 150 zo bekijk - hadden ze destijds een compleet orkest opgetrommeld. Hoorns, harpen, lieren, snaarinstrumenten, tamboerijnen, fluiten, bekkens, cimbalen. En er werd gedanst.

Ideetje voor een kerkdienst: een authentieke uitvoering van de Psalmen.

dinsdag 18 november 2014

De steen in mijn hart




Er ligt een steen in mijn hart
Een rots van wrok
Een kei van haat
Een massieve bitterheid

 
Er ligt een steen in mijn hart
Een niet te stillen woede
Onverteerbare wraak.
Inwendige strijd.
 

Een steen in mijn hart
Frustratie en revanche
Het halen van verhaal.
En het slijt niet met de tijd.

 
Jij zei: die steen blokkeert jouw leven
Sluit alles af wat mooi is
Liefde stroomt allang niet meer
Door de steen in jouw hart
 

Jij kijkt steeds maar achterom
Naar hoe het was
En hoe het had gemoeten
Jouw tranen zijn versteend
Tot de steen in jouw hart
 

Er ligt een steen in mijn hart
Hij komt niet van zijn plek
Ik wilde dat het kon
Een onbeweeglijke muur
Een ontilbaar blok beton
En hoe ik ook duw en trek
De steen blijft in mijn hart

 
Jij zei: op een morgen in Jeruzalem
Heeft Hij de steen genomen
Rolde hem weg
Is uit Zijn graf gekomen
Als Hij die steen kon tillen
Kan Hij dat ook bij jou
Hij kan jou verlossen
Van die steen in jouw hart
Van de steen in jouw hart

woensdag 12 november 2014

Onbereikbare liefdes


In Kayleigh, een song van de band Marillion, wordt een onbereikbare liefde bezongen. Ik hoorde het nummer weer eens op de radio en zag op Youtube de videoclip en kreeg een idee voor een blog.

Ik ben al meer dan 15 jaar gelukkig getrouwd en mijn herinnering aan voorbije Onbereikbare Liefdes zijn inmiddels wel wat verflauwd, maar soms duiken ze weer even op: de 'Kayleighs' van toen:
 


Anne Marijke, ik was blijven zitten en was een vreemde in een nieuwe klas. Bij niemand plaats, alleen nog naast jou. Je was anders dan al die andere meiden. Ik denk dat ze jaloers op jou waren omdat je hoge cijfers haalde en er bovendien heel leuk uit zag.
Ik was veel te verlegen, maar tijdens dat schoolkamp sleurde je me de dansvloer op. Uiteindelijk bleek je niet verliefd op mij, maar op David Bowie...

Mary, jouw blonde haren brachten me in verwarring. Daarom ging ik in de klas vaak achter je zitten zodat ik kon wegdromen achter die blonde waterval.

Letty, je had een oogje op mij, maar op een of andere manier sloeg bij mij de vonk niet over. Op dat schoolfeest kwam ik niet opdagen, terwijl je graag had gewild dat ik er bij was. Kun je het je nog herinneren? Achteraf kon ik me wel voor mijn kop slaan, want je was eigenlijk best heel erg leuk. Ik had gewoon moeten komen. Dan hadden wij samen kunnen dansen bij het nummer Kayleigh van Marillion.
Letty, misschien heb ik je hart niet gebroken. Ik brak het mijne.

 

Joke, ik had beter moeten weten. Je had me daar op het Scheveningse Strand, ter hoogte van het Seinpostduin, al duidelijk gemaakt dat het wat jou betreft alleen vriendschap was. Maar ik wilde er niet aan, want wat was er mooier dan verliefd te zijn in jouw stad Amsterdam? Ik wist wel dat er een Ander was en op het Leidseplein spatte mijn droom uiteen.
En toch: je hebt me de zelfkant van de stad laten zien. Als hulpverleenster wist je de werkelijkheid achter de rode glitterfaçades van de Wallen.

 
Ach, het zijn herinneringen en uiteindelijk heb ik de ware dan toch ontmoet. True love never grows old, zeggen de Engelsen.
Maar als Kayleigh op de radio weer eens langskomt, dan gaan mijn gedachten soms terug in de tijd...

 

dinsdag 4 november 2014

Mozes met hoorntjes


Vorige week was het een vraag bij de Grote Bijbelquiz: waarom heeft Mozes hoorntjes?

Een groot beeld van Mozes, zojuist afgedaald van de berg Sinaï, kun je vinden in de San Pietro in Vincoli te Rome. Het kost even tijd om deze schepping van Michelangelo goed te bewonderen, want talloze medetoeristen willen hem ook voor de camera hebben. Die hoorntjes op zijn hoofd zijn vreemd. Mozes heeft wat weg van een woeste Viking, als je al niet een associatie krijgt met een duivelsfiguur.
 
 

En dat allemaal door een vertaalfout in de Bijbel (Exodus 34: 29). In het exemplaar dat Michelangelo las, had de vertaler het Hebreeuwse woord voor straal (keren) aangezien voor hoorn (karan). Het Hebreeuws kent immers geen klinkers.

Overigens is de fout later hersteld. In de Statenvertaling staat dit: Zo wist Mozes niet, dat het vel zijns aanschijns glinsterde.
De Nieuwe Bijbelvertaling uit 2004 heeft het over het glanzende gezicht van Mozes.
Wie bij God is geweest straalt, glanst of glinstert, maar heeft geen hoorns.

Bij vertalingen kunnen fouten worden gemaakt. Wie de Bijbel in zijn oorsprong wil lezen zal met een studie Hebreeuws en Grieks moeten beginnen. Zelfs Aramees is  onontbeerlijk wil je delen van het boek Daniël kunnen begrijpen.