Totaal aantal pageviews

Posts tonen met het label snoep. Alle posts tonen
Posts tonen met het label snoep. Alle posts tonen

zaterdag 8 december 2012

Zoete overvloed


Suikergoed en marsepein, pepernoten en chocolade. Na de Sinterklaas is er weer zoete neerslag op mij neergedaald, als een sneeuwbui in Luilekkerland. De personeelsvereniging van mijn werk deed er dit jaar een schepje bovenop: een grote tas met goedbedoelde zoeternijen: spijskoeken, peperkoeken, een baal kruidnoten, een grootverpakking speculaas,  chocoladeletter, banketstaaf. Alsof brokstukken van het eetbare heksenhuisje uit 'Hans en Grietje' in die tas waren gestopt.
Zoveel kunnen wij thuis met z'n tweeën nooit op, dus ben ik op mijn werkplek als een Zwarte Piet aan het uitdelen en strooien geweest.


 
Een paar weken geleden zag ik de film "58". Een film over de wereldwijde armoede naar aanleiding van Jesaja 58. Zit je met een kast vol overbodige speculaaskoeken, taaitaai  en boterletters, terwijl ter hoogte van de evenaar een vrouw voor een hutje te midden van een droog en stoffig landschap de laatste graankorrels bij elkaar schraapt. Het contrast kan niet groter zijn.

 
Suikergoed en marsepein ontstond in een tijd waarin de laatste oogsten binnen waren gehaald voordat de koude winter aanbrak. Zoet en vet eten gold als goede maagvulling tijdens barre seizoenen. Hiermee kwam je de winter door tot aan de eerste oogsten in het voorjaar. Maar ja, de wereld hier is veranderd. Tegenwoordig kun je in december aardbeien eten uit Argentinië en sperzieboontjes uit Ethiopië. Vet en zoet eten we nu het hele jaar door met alle gevolgen van dien.
Met de Kerst en de jaarwisseling voor de boeg toch iets om over na te denken. Niet alleen nadenken: Gewoon zo weinig mogelijk zoete rommel eten.

 
Nog iets over dat sprookje van Hans en Grietje. Die twee kindertjes waren arm en hongerig en kwamen toen dat peperkoeken huisje van de heks tegen waarvan ze stiekem snoepten. Dat pikte die enge madam niet. Hansje werd gevangengenomen en vetgemest, terwijl Grietje moest werken. Een beetje onze wereld, dat sprookje: armoede, honger, uitbuiting en zoete overvloed.

zondag 21 augustus 2011

Raar pepermunt

Kerkgang en pepermunt. Twee dingen die onlosmakelijk met elkaar verbonden lijken te zijn. Als klein kind lustte ik al vrij vroeg pepermunt, maar aangezien ik ’s zondags altijd naar de kindernevendienst ging, wist ik weinig af van de traditie om tijdens de preek op een pepermuntje te zuigen. Behalve ’s zomers dan. Als er geen kindernevendienst was.

Ik was een jaar of zeven toen ik op een zondagmiddag met mijn vader mee naar de kerk ging in Holten waar we met vakantie waren. Toen de preek begon kreeg ik van een mevrouw naast me een pepermuntje. Maar het was wel raar pepermunt. Ik was gewend te sabbelen aan het pepermunt met de koninklijke naam op z’n Engels, maar deze mevrouw gaf mij een ander merk, het waren pepermuntsnoepjes met een gladde, bolvormige rand. Op het moment dat de dominee aan de prikkelende openingszin van zijn preek begon, stopte ik het vreemde snoep in mijn mond.
En ineens gleed het m’n keel in. Floep. In z’n geheel ingeslikt. Het zweet brak me aan alle kanten uit. Zou je kunnen stikken in pepermunt? Ik durfde het niet aan m’n vader te vragen die aandachtig aan de lippen van de predikant hing. Zou ik nu dood gaan?, vroeg ik mij af. Gestikt in pepermunt tijdens een preek. Dat dan weer wel.
De redenatie van de dominee leek een eeuwigheid te duren. Vooralsnog bleef ik ademen. Eindelijk weerklonk het verlossende Amen.

“Ik heb dat pepermuntje ingeslikt,” fluisterde ik angstig tegen mijn vader.
“Wat je aan het begin van die mevrouw kreeg?”
“Ja. Zou ik er in kunnen stikken?”
“Tuurlijk niet,” stelde pappa mij gerust.“Dat is allang opgelost in je maag.”

Opgelucht keek ik om me heen. Maar het zou jaren duren voordat ik opnieuw het ‘vreemde ronde pepermunt’ zou aannemen van iemand. Een gewaarschuwd jongetje telt immers voor twee…